Stappenplan
Om te onderzoeken of er beleid voor deze specifieke doelgroep nodig is, zijn de volgende drie stappen van belang:
1. Onderzoek de doelgroep
Het in kaart brengen van de aantallen, relevante kenmerken van de doelgroep zoals leeftijd, gezinssamenstelling, etniciteit, opleidingsniveau, inkomsten en mogelijke problemen en knelpunten waar zij tegenaan lopen.
2. Breng aanbod en knelpunten in beeld
Binnen een gemeente of regio kunnen er diverse instellingen zijn die een speciaal aanbod hebben voor jonge moeders of van wiens aanbod jonge moeders gebruik kunnen maken. Om te kijken of aanvullende maatregelen nodig zijn, is het van belang eerst goed in kaart te brengen welk aanbod er is en welke knelpunten jonge moeders en instellingen ervaren.
3. Breng partijen bij elkaar en ontwikkel een visie
Organiseer een bijenkomst waarbij je de betrokken partijen bij elkaar brengt. Bespreek de uitkomsten van uw analyse. Ontwikkel vervolgens een visie door samen met deze partijen te bedenken wat er nodig is voor deze doelgroep.
De coördinatie van hulpverlening is hierin van groot belang.
Activiteiten
Welke activiteiten kunt u uitvoeren om zicht te krijgen op de doelgroep, het aanbod en de knelpunten? Dat kan op een aantal manieren. Het is goed om deze verschillende benaderingswijzen te combineren :
A. Deskresearch
-
Aantallen; concreet cijfermateriaal
-
Kenmerken van de doelgroep: leeftijd, aantal kinderen, burgerlijke staat, huishoudtype, etniciteit, woongebied.
Problemen op leefgebieden : onderwijs (startkwalificatie), inkomsten (werk/uitkering), gebruik van preventieve maatregelen en opvoedingsondersteuning
-
Vergelijking met landelijke cijfers; hoe 'verhoudt' de gemeente zich tot de landelijke cijfers. Komt een gemeente bijvoorbeeld boven een bepaald gemiddelde en is het daardoor belangrijk om beleid te ontwikkelen?
-
Landelijk onderzoek naar de doelgroep; welke aanvullende informatie is hier te vinden die het beeld van deze doelgroep verder verrijkt?
U kunt zelf uitzoeken hoeveel jonge moeders er zijn in uw gemeente via het GBA.
U kunt ook een interne onderzoeksafdeling (of de afdeling epidemiologie van de GGD) vragen om de cijfers te verzamelen.
Wat kunt u dan bijvoorbeeld opvragen :
Per leeftijd kan gekeken worden naar: huwelijkse staat, etniciteit, aantal kinderen, gezinssamenstelling, buurt.
U kan de cijfers van verschillende jaren opvragen om zo te kijken of er bepaalde trends te zien zijn.
Elke gemeente heeft nog andere bestanden waar u relevante gegevens kunt vinden over deze doelgroep. Het Burger Servicenummer is de toegang tot verschillende programma's. Deze bestanden kunnen u meer informatie geven over de jonge moeders. Bijvoorbeeld: zijn ze nog leerplichtig, op wat voor soort scholen zitten ze, hebben ze een startkwalificatie, hebben ze werk of uitkering en zijn ze bekend bij het jongerenloket. Er zijn gemeenten die proberen de verschillende bronnen samen te voegen en te komen tot een digitaal dossier. Deze gemeenten doen mee met het programma Operatie Mens Centraal.
Het is interessant om de uitkomsten van het eigen gemeentelijk onderzoek te vergelijken met landelijke gegevens. Hiervoor kan gebruik gemaakt worden van bijvoorbeeld :
-
StatLine; database van het CBS
-
Jeugdmonitor; andere database van het CBS in opdracht van het ministerie van jeugd en gezin
-
Kinderen in Tel; per gemeente score op specifieke criteria
In deze databases zijn gegevens te vinden over gemeenten, provincies of regio's. Deze databases bieden de mogelijkheid om de eigen gegevens te vergelijken met landelijke, provinciale of regionale gegevens. Zo kunt u zien hoe de eigen gemeente 'zich verhoudt' tot een landelijk beeld of provinciaal beeld. Scoort een gemeente bijvoorbeeld hoger dan het landelijk gemiddelde, dan is apart beleid waarschijnlijk noodzakelijk. In de databases van het CBS (ook de jeugdmonitor) zijn de meest recente gegevens te vinden.
Er zijn verschillende landelijke onderzoeksinstellingen die onderzoek doen dat relevant voor u kan zijn.
B. Onderzoek intern : bevragen van collega's van diverse beleidsterreinen
Als gemeenteambtenaar is het van belang om te kijken of er intern bijvoorbeeld een (centraal) beleidsoverleg Jeugd is waar de vraag neergelegd kan worden wat er bekend is over jonge moeders in de gemeente (omvang, aanbod, specifiek beleid, knelpunten). Als dit er niet is kan gekeken worden of er relevante afdelingsoverleggen of beleidsoverleggen zijn (jeugd, schulden, huisvesting of casuïstiek overleg).
Indien dit niet het geval is, kunnen diverse collega's van verschillende beleidsterreinen gevraagd worden naar hun ervaringen en cijfers. Welke beleidsterreinen komen hiervoor in aanmerking en welke informatie is van belang (onder welke afdeling dit exact valt, is per gemeente verschillend):
Huisvesting; verkrijgen van urgentie voor een woning, toewijzingsbeleid woningen, slagingskans doelgroep binnen huidige woningaanbod, samenwerking woningcorporaties in het kader van maatschappelijk verantwoord ondernemen. Mogelijkheden voor begeleid wonen of zelfstandig wonen met begeleiding
Werk en inkomen; het wel/niet toekennen van uitkeringen aan deze doelgroep (tot 23 jaar), financiële regelingen voor aanstaande moeders, bijzondere bijstand, schuldhulpverlenings trajecten, re-integratietrajecten met betrekking tot school en werk.
Onderwijs; startkwalificaties, in- en uitschrijvingen bij scholen, verlofregelingen onderwijs (bevalling), aangepaste schooltrajecten, financiële ondersteuning bij onderwijs
Jeugdgezondheidszorg / Centrum voor Jeugd en Gezin; consultatiebureaus, opvoedingsondersteuning, preventie projecten
Hulpverlening; Jeugdzorg, maatschappelijke opvang, begeleid wonen, ambulante hulp voor jongeren, maatschappelijk werk
Kinderopvang; capaciteit kinderopvang binnen gemeente, flexibel aanbod met betrekking tot openingstijden, voorrang speciale groepen, gesubsidieerde plaatsen bijvoorbeeld in combinatie met re-integratietrajecten.
Binnen de kennisbank van het infoportaal zijn de diverse beleidsterreinen beschreven, in combinatie met de wet- en regelgeving met betrekking tot de WMO.
C. Onderzoek externen : bevragen van instellingen die met jonge moeders werken
Binnen uw gemeenten zullen er enkele of meerdere instellingen zijn die (mogelijk) een apart aanbod voor jonge moeders hebben of regelmatig met deze doelgroep in aanraking komen. Het is interessant om een aantal kernpartners te interviewen. U kunt hen vragen:
-
hoeveel jonge moeders of ouders hun instelling bereikt en of deze groep bepaalde kenmerken heeft
-
of zij een schatting kunnen maken van de totale hoeveelheid jonge moeders in de gemeente
-
met welke problemen/vragen jonge moeders bij de instelling aan kloppen
-
welke knelpunten zij ervaren in de hulpverlening aan deze groep
-
welke knelpunten volgens hen jonge ouders/moeders ervaren
Mogelijke instellingen die een aanbod hebben voor jonge moeders
Het is van belang te onderzoeken welke instellingen mogelijk een aanbod hebben voor deze doelgroep. Begin met het bevragen van een aantal kernpartners zoals de Fiom of als die er niet is het Algemeen Maatschappelijk Werk, ambulante hulp voor jongeren, het jongerenloket of de Sociale Dienst. Vraag hen naar eventuele samenwerkingspartners zodat alle instellingen die een aanbod hebben voor de doelgroep in beeld komen.
Welke knelpunten zijn er in het aanbod?
Naast het inventariseren van het aanbod, is het ook belangrijk om eventuele knelpunten die worden ervaren door professionals en jonge moeders te inventariseren. Verzamel de antwoorden van uw collega's en de instellingen en (indien van toepassing) de antwoorden van de jonge moeders zelf. Zijn er knelpunten door hen genoemd en zo ja wat zijn die bijvoorbeeld op het terrein van: huisvesting, werk, psychosociale problemen, schulden, scholing. Eventueel kunt u samen met de partners prioriteiten stellen bij de knelpunten en hen categoriseren van meest naar minst urgent.
Toets uw bevindingen
Als u de beschreven stappen heeft gevolgd, heeft u een beeld geschetst van de situatie van jonge moeders is uw gemeente wat betreft:
-
Aantallen
-
Leefomstandigheden
-
Aanbod
-
Knelpunten
Het is belangrijk om het gevonden beeld te toetsen bij het werkveld. Dit kunt u doen door een bijeenkomst te organiseren met de (belangrijkste) ketenpartners. Daarin laat u zien welke gegevens u heeft gevonden. Op deze manier maakt u makkelijk de overstap naar stap 3: breng partijen bij elkaar en ontwikkel een visie.
Een bijeenkomst met de ketenpartners heeft drie doelen:
-
Toets het beeld dat u heeft gevonden over jonge moeders in uw gemeente.
-
Breng prioriteiten aan in de knelpunten die opgelost moeten worden.
-
Formuleer mogelijke oplossingen samen met de ketenpartners en verdeel de taken waar nodig.
Er zijn al enkele goed lopende praktijkvoorbeelden in het land wat betreft aanpak van jonge moeders. In de kannisbank van het infoportaal worden enkele van deze voorbeelden beschreven ter inspiratie.